Van hotdog naar carrotdog

Door: Femke Mosch

De innovatie die wordt veroorzaakt door een veranderende relatie tussen mens en dier.

We eten ze, bouwen er mee, rijden erop, maken er muziek mee en leven erin: producten deels (of helemaal) gemaakt van dieren. Wat voor rol speelt het dier eigenlijk in ons dagelijks consumptiepatroon? Ik zocht het uit door in een wereld te duiken waarin het consumeren en verwerken van dieren in producten is uitgesloten: de veganisten.

handtekening

Bij het begrip ‘veganist’ denken mensen aan het niet eten van vlees, het niet dragen van leer. Nee, de diervriendelijke levensstijl die veganisten aanhouden gaat verder dan dat. Zo eten ze geen kaas en eieren en drinken geen melk. Ook in hun verdere levensstijl is geen enkel dierlijk product toegestaan en dat gaat heel ver want tegenwoordig zitten bijna overal dierlijke stoffen in, te denken aan beton, medicijnen, veiligheidshandschoenen, printpapier, houtlijm, rubber, asfalt, kurk, krijt, gips, multiplex, behang, mascara, shampoo, paracetamol, tandpasta, sigaretten, laminaat en zelfs in het kopje van de lucifer. Dat de lijst oneindig lang is, toonde Christien Meindertsma in haar boek PIG05049. Ze beschreef 187 producten die gemaakt kunnen worden één varken. En dan hebben we het nog niet eens over de andere dieren die we consumeren.

“Veel producten zijn te vervangen, maar de dierlijke toevoeging aan asfalt is moeilijk te vermijden. Ook zijn sommige medicijnen echt nodig” zegt veganiste Astrid Herber. “Je probeert zoveel mogelijk materialen te vervangen, dat is alleen niet altijd haalbaar. Zo heb je bijvoorbeeld toch vervoer nodig om van de ene locatie naar de andere te komen en moet je dus over asfalt rijden. En als je ziek bent, zijn medicijnen wel heel wenselijk. Zelfs als er dierlijke producten in zitten.”

Het is als veganist dus niet altijd makkelijk om je in deze vleesetende en consumerende wereld te bewegen. Letterlijk en figuurlijk. Ze moeten alles onderzoeken voor ze iets kunnen eten of gebruiken. Dat doen ze niet alleen, want de vegan-beweging doet het vooral samen. “Het niet eten van dieren schept een band en als je kunt helpen met het consumeren van minder dieren door je kennis met de medemens te delen, dan doe je dat,” aldus Astrid. Dit helpt ook om de groep veganisten te laten groeien. Ook zijn er steeds meer ontwikkelingen om vleesvrij te leven. Het is eigenlijk een soort open source-systeem. Samen komen de veganisten erachter dat er wel ‘heel veel dier’ wordt ingezet als materiaal. Dit is vaak onnodig en alleen maar omdat het goedkoop is of uit overschot.

Tegelijkertijd kun je je afvragen hoe erg dat is. Vroeger gebruikten we toch ook alles van een dier? De botten, de huid, melk en natuurlijk het vlees. Alleen toen was het duidelijker waarin dierlijke producten werden gebruikt omdat de mens zelf getuige van het productieproces was. Nu we dat niet meer zijn, consumeren we ongemerkt wel erg veel dier. Het is niet verkeerd daar eens wat bewuster van te worden en ons af te vragen of we dat wel willen.

Ons systeem is bijna in zijn geheel gebouwd op dieren. Letterlijk en figuurlijk, want veel gebouwen waarin we leven bevatten beton bestaande uit dierlijke materialen.  Misschien zijn we te afhankelijk van dierlijke producten geworden. Dat is de vraag die de tentoonstelling Veganism van afgelopen Dutch Design Week opriep. Als we minder dieren gaan eten en dus minder dierlijk afval hebben – waar al deze bijproducten van worden gemaakt – dan moeten we alternatieven voor deze producten vinden. Volgens Astrid moeten er initiatieven komen om het gebruik van dierlijk materiaal niet meer de norm te laten zijn. Dat was precies wat de tentoonstelling liet zijn. Zo was een suède schoen van de wortels van een champignon en een nieuw soort plastic van uitgeperste zonnebloempitten. Het plastic wordt gemaakt van de overblijfselen van de productie van zonnebloemolie. Deze voorbeelden – en nog vele andere diervrije alternatieven – zijn even bruikbaar als de dierlijke varianten. Dat maakt het veganisme heel interessant. Het leert ons te zoeken naar andere mogelijkheden die in de toekomst van belang kunnen worden.

Of die producten ook duurzamer geproduceerd worden, moet nog uitgezocht worden. Wanneer iets van een plantaardig materiaal gemaakt is, betekent dat niet direct dat het ook op een natuurlijke wijze wordt afgebroken. Toch is het een goede ontwikkeling om onderzoek te doen naar materialen waar we niet per se dieren voor nodig hebben.

Ook qua voeding zijn er veel alternatieven voor dierlijke producten. Veganisten bedachten een meringue van kikkererwtenvocht, geperste auberginebiefstuk, jack fruit dat door gaat voor pulled pork of een lang gemarineerde wortel in een broodje die smaakt naar een hotdog. Als veganist ga je anders koken. Ze kunnen vleeseters inspireren door met een frisse blik naar bestaande ingrediënten te kijken.

Ik wil bij deze de veganisten die fanatiek dieren uit hun leven bannen bedanken. Ze laten ons zien welke rol dierlijke producten in ons leven spelen, waardoor we onze mens-dier-relatie gaan bevragen. Ontwerpers worden geïnspireerd om met nieuwe alternatieve opties te komen, koks gaan anders naar bestaande producten kijken en zoeken eveneens naar evenredige alternatieven. Dit belooft een boeiende toekomst met veel plantaardige verrassingen!

Femke Mosch houdt zich dagelijks bezig met trends rondom voeding en schrijft hier graag over.   

Advertenties