Het ego van links

Terwijl Trump alles op alles zet om de Obamacare zo snel mogelijk te laten verdwijnen en Wilders blijft roepen dat deislamisering het beste voor Nederland is, houden veel Nederlanders hun hart vast. Waar de een per dag activistischer wordt, groeit bij de ander het defaitisme. “Het heeft toch geen zin om iets te doen,” hoor ik steeds vaker. Ook klinkt geregeld cynisme in conversaties over actief deelnemen aan maatschappelijke discussies door. Een goede zaak? Volgens mij niet. Zeker in de aanloop naar de Tweede Kamer verkiezingen van volgende week is het belangrijk om je mening met anderen te delen. Discussies leiden – in mijn ogen – tot weloverwogen keuzes.

Op 8 januari sprak Meryl Streep duidelijke taal tijdens haar acceptatiespeech voor de Golden Globes. De volgende dag stond mijn Facebook-pagina  vol met odes aan de actrice. Nog geen week later was het tijd voor de Nederlandse Musical Awards. Stefan Rokebrand won een award en nam de tijd om zijn zorgen over de verkiezingen uit te spreken. Twitter ontplofte, maar niet met alleen positieve berichten. “Rokebrand doet een Streepje” of “wordt dit een nieuwe traditie?” was verschillende malen op mijn timeline te lezen. Rokebrand zelf zei later dat er weinig momenten zijn waarop je een groot publiek mag toespreken. Hij greep zijn kans. Bovendien, sinds wanneer heeft Meryl Streep het alleenrecht op dergelijke acties? In 2011 won Nasrdin Dchar een Gouden Kalf. De woorden “ik ben een moslim en heb een fucking Gouden Kalf in mijn handen” zijn inmiddels legendarisch.

Steeds vaker worden mensen die in het openbaar een duidelijk politiek standpunt innemen veroordeeld. Men neemt aan dat iemand zijn stem laat horen om zelf in het middelpunt van de aandacht te komen. Opvallend genoeg gaat het hier vaak om linkse geluiden. Extreem-rechts mag blijven schreeuwen en de overige politieke bewegingen moeten enkel genuanceerd en vooral niet te uitgesproken blijven. In zijn #hoedan? speech, past Arjan Lubach de strategie van Wilders toe op het partijprogramma van GroenLinks. ‘Jesse zou hier niet mee wegkomen,’ aldus Lubach.

Het lijkt me geen goed idee dat Jesse de Wilders-koers gaat volgen, maar ik vind het jammer dat de bijdrage van links-progressief georiënteerde opiniemakers geregeld als ‘egocentrisch’, ‘ijdel’ of ‘een tikkeltje arrogant’ wordt weggezet. Je hoeft het niet met elkaar eens te zijn om toch te kunnen aannemen dat mensen niet enkel uit persoonlijke belangen hun idealen uiten. Is het te naïef om te geloven dat de veel besproken linkse elite daadwerkelijk naar gelijke kansen voor iedereen en nivellering streeft?

Door de komst van social media is deelname aan het publieke debat voor iedereen toegankelijk geworden. Hoera voor het recht op vrijheid van meningsuiting! De keerzijde daarvan is dat felle – niet altijd onderbouwde – kritiek alom tegenwoordig is. Opiniemakers worden vaak direct op de persoon aangevallen en dat is onnodig, pijnlijk en weinig constructief. Aan iedereen de vrijheid om het gesprek aan te gaan, maar graag met respect voor de ander en diens mening. Het is jammer dat in de verkiezingsdebatten door de politici zelf niet altijd het goede voorbeeld wordt gegeven. Lijsttrekkers, mag ik jullie vragen om de persoonlijke aanval in het debat achterwege te laten? Dan kan de kiezer gaan geloven dat zowel links als rechts hun ego’s best aan de kant willen zetten voor hun idealen.

Advertenties