Nacht van de Vluchteling 2017

In de nacht van 17 op 18 juni 2017 liepen meer dan 5.000 mensen 40 km tijdens de Nacht van de Vluchteling. De 5.000 wandelaars werden gesponsord en haalden 1,5 miljoen euro voor Stichting Vluchteling op. Waarom? Omdat anno 2017 nog steeds miljoenen mensen op de vlucht zijn. Zij lopen kilometers verder, zijn bepakt met hun huisraad en hebben weinig voeding en water ter beschikking. Dit weekend was ik één van de 5.000 Nederlanders die solidair met deze mensen wilde zijn.

facebook_event_561192617409781

Vorig jaar liep Nancy – een goede vriendin van me – de 40 kilometer. Toen we een week later afspraken, vertelde ze me hoe bijzonder ze de nacht had gevonden. Ik was trots op haar en suggereerde om een jaar later het stokje over te nemen. Zo gezegd, zo gedaan. Afgelopen februari schreven Fenny – een andere goede vriendin – en ik ons in.

Iets minder dan een maand geleden beseften we ons dat het tijd werd om te trainen. De organisatoren raadden alle lopers aan van tevoren meters te maken. 40 kilometer is immers niet niets. Tijdens Hemelsvaart liepen Fenny en ik van Woerden naar Waddinxveen (23,5 km) – waar haar ouders een heerlijk avondmaal hadden voorbereid. Tijdens Pinksteren was dat de taak van mijn ouders en liepen we van Deventer, via Zutphen naar Apeldoorn (36,5 km). Die laatste tocht hakte er flink in. We hadden het gehaald, maar met een hoop blaren, spierpijn en we hadden intussen elkaars chagrijnige kant ook leren kennen.

Desondanks keken we naar 17 juni uit. We wierven sponsoren en kochten blaarpleisters. De dag zelf stuurden we over en weer zenuwachtige smsjes. Nu stond het dan echt te gebeuren. Om 22.00 hield ik het thuis niet meer uit en besloot ik alvast richting de Westergasfabriek te gaan. Ik nam onze startbewijzen in ontvangst. Vlak daarna arriveerde ook Fenny. De Westergasfabriek was omgetoverd in een plek vol liefde. Naast een podium, een fotobooth en tosti-stands, was er ruimte voor yoga. Om ons heen bereidden iedereen zich voor op de lange afstand. Om stipt 0.00 drukte Johnny de Mol op het startsein en gingen we dan eindelijk van start.

De eerste twee kilometer liepen we door de 19225318_531296177261320_4740195382556954089_nSpaandammerbuurt op weg naar het pontje waarmee we het IJ zouden oversteken. Fenny en ik hadden elkaar even niet gezien en hadden dus een hoop te bespreken. We liepen relatief voorop in de stoet en arriveerden als een van de eersten bij het IJ. Hier werden we opgewacht door vrijwilligers. We werden tegengehouden en er werden formulieren met  vragen uitgedeeld. Er ontstond verwarring, maar al gauw begon ons te dagen dat we op de boot wachtten. De boot die ons verder zou brengen op onze reis. Een boot vol met mensen met gele veiligheidsvestjes. Alleen wij wisten zeker dat we de overkant zouden bereiken.

We liepen door Amsterdam-Noord en bereikten het eerste rustpunt: het sportcomplex van Only Friends. Toen we onze startbewijzen moesten laten zien, ontdekte ik dat ik de mijne onderweg verloren was. We wilden verder, maar er moest eerst een alternatief geregeld worden. Op dat moment hoorde ik iemand achter me om mijn nummer vragen. Hij had 915 zojuist afgegeven. Wat een geluk! Met een plastic bekertje thee in de hand liepen we de Waterlandse weilanden in.

NvdvHet was mistig. Afgezonderd van vage rode lichtjes – die elke loper droeg – konden we geen meter voor ons kijken. Fenny en ik sprongen van schrik op elkaar toen we vlak naast ons een koe hoorde loeien. Stukje bij beetje kwamen we in de buurt van Broek in Waterland, waar het tweede rustpunt gevestigd was. In een sportkantine speelde een countryband, buiten vlamden vuurkorven en kruiwagens waren op z’n kop gezet zodat de wandelaars er met een kussen plaats konden nemen. Voeten werden gemasseerd en de sfeer was meer dan genoeglijk. Toch besloten we na een klein kwartier weer verder te gaan. We waren pas op 17,3 km en hadden nog een lange reis voor de boeg.

Het stuk dat volgde was voor mij het zwaarst. Mijn knie begon lichtjes te steken en mijn benen werden zwaar. De vermoeidheid nam toe en er leek geen einde aan het graslandschap te komen. Fenny en ik werden stiller. Terwijl de zon langzaam opkwam en de lucht kleurde, realiseerde ik me plotseling dat op dat moment 5.000 mensen door het hele land met dezelfde missie bezig waren. Dit zijn 5.000 mensen die ook vinden dat we beter moeten zorgen voor andere mensen die in nood zijn. Dat besef ontroerde me.

Via Ransdorp kwamen we in Durgerdam aan. Voor mij bekend terrein omdat ik hier regelmatig hardloop. Durgerdam is een uitgerekt dorp en daar werden we ons die nacht extra bewust van. Het derde rustpunt (na 28,5 km) was weer in een sportkantine en leek eindeloos ver weg vanaf de andere kant van het dorp. Vooral als je moet plassen. Ook hier besloten we niet lang te blijven. Toen we op de houten sportbankjes zaten met het gevoel dat we net een intensieve voetbalwedstrijd gespeeld hadden, dronken we gauw onze bekers thee leeg. Het was inmiddels iets voor 6 uur en de hemel zag lichtblauw. Als we nu te lang zouden blijven zitten, dan kwamen we niet meer verder.

Op de Schellingwouderbrug passeerden we het 30 kilometerbord. Het besef dat we weer in Amsterdam waren en 75% van onze tocht voltooid was, zorgde bij mij voor een energiestoot. Mijn knie deed minder pijn en ik voelde zin om verder te gaan. We liepen langs een container waar een hardcore-feest aan de gang was. Mensen met grote ogen en trekkende kaken keken ons strak aan. Ik realiseerde me dat ik op dat moment een vergelijkbaar gevoel ervoer, maar met een andere aanleiding. Euforie. We gingen het halen!

Aangekomen in Amsterdam-Oost maakten we kennis met twee andere lopers. Gedurende de tocht merkten we dat we steeds met dezelfde mensen opliepen. Deze jongens waren nieuw voor ons. Eén van hen was verkleed als superman: een referentie naar een Unicef reclame.  Het was prettig om even met een onbekende te praten over onze gezamenlijke missie. We passeerden het 35 kilometerbord en kwamen bij het laatste rustpunt aan op 36 km. De jongens bleven even zitten, maar Fenny en ik wisten dat we door moesten. Over vier kilometer konden we uitrusten.

Elke kilometer werd zwaarder. Vlak voor de 19149234_531569807233957_2019480641936383772_nIJ-zijde van Centraal Station hadden we nog 3 kilometer te gaan. Het was inmiddels half 8 en Amsterdam ontwaakte. Fietsers en hardlopers moedigden ons aan. “Kom op! Jullie zijn er bijna!” Hun woorden ontroerde me. Deze mensen wisten waar we mee bezig waren. De Nacht van de Vluchteling leeft in Nederland.

Op het Haarlemmerplein stond het laatste bord voor de finish: nog 1 km! We slenterden door het Westerpark en zagen de koepel van de Westergasfabriek boven de bomen uitkomen. We waren er. Wat een ervaring!

 

Advertenties